Villas in Crete, Villa Chania, Villa Kreta, Rent Crete Villas, Vacances Crete Hotel Villas in Crete, Villa Chania, Villa Kreta, Rent Crete Villas, Vacances Crete Hotel
tel:+30 28210 90760 +30 28210 90760
Nederlands
info@thehotel.gr +30 28210 90760

Kreta > Geschiedenis van Kreta

Geschiedenis van Kreta

Kreta heeft een zeer interessante geschiedenis, vol met strijd voor vrijheid (tegen al haar veroveraars, van de Venetianen tot de Turken en de Duitsers) en schepping (de Minoïsche beschaving bloeide hier, terwijl vele beroemde wetenschappers en kunstenaars op Kreta geboren werden). De Minoïsche beschaving wordt als de eerste Europese beschaving beschouwd en heeft geholpen om het Klassieke. Griekenland te creëren, wat de geschiedenis van Kreta uniek maakt.

Minoïsche Tijdperk:Het Minoïsche tijdperk duurt van 2600 v.Chr. tot 1100 v.Chr. en kan verdeeld worden in drie tijdperken: het vroeg Minoïsche Tijdperk van 2600 v.Chr. tot 2000 v.Chr., het midden Minoïsche Tijdperk van 2000 v.Chr. tot 1580 v.Chr. en het late Minoïsche Tijdperk van 1580 v.Chr. tot 1100 v.Chr. De naam van de eerste Europese beschaving is afkomstig van Minos, de mythologische koning van Kreta.

De eerste paleizen werden op Kreta gebouwd rond het begin van het Midden-Minoïsche tijdperk (2000 v.Chr.). De belangrijkste werden gebouwd bij Knossos, nabij de huidige stad Heraklion), Festos (in het zuiden vlakbij de zee, op de vlakte Messara), Malia (aan de noordkust), Archanes, Zakros (op het meest oostelijk einde van het eiland) en Kydonia. Deze eerste paleizen werden door een aardbeving in 1700 v.Chr. vernietigd. Onmiddelijk na de verwoesting werden de paleizen herbouwd. De bekendste zijn de paleizen van Knossos, Festos, Malia en Zakros. Het waren indrukwekkende gebouwen, gekenmerkt door een groots opgezette centrale binnenplaats omringd door zuilenrijen, kamers, trappen en werkplaatsen. Fresco’s sierden de muren en toonden beelden van hun leven (vissen, oogsten, dansen).

Knossos controleerde het economische en politieke leven vanwege zijn geografische ligging in het midden van het eiland. Landbouw, veeteelt en de export van goederen die in de werkplaatsen werden geproduceerd en de dorpen creëerden een bloeiende economie. De kunstwerken werden overgebracht naar Egypte, Phoenicia en Syrië en het Minoïsch aardewerk is door heel het oostelijk Middellandse Zeegebied ontdekt.

Alle paleizen werden vernietigd door de verschrikkelijke vulkaanuitbarsting van Santorini, omstreeks 1450. Het leven werd alleen in het paleis van Knossos hervat dat hersteld werd en diende als residentie van een nieuwe Grieks vorstenhuis.

De Minoïsche paleizen hadden geen vestingwerken of muren, wat laat zien dat de Minoans de Egeïsche Zee onder controle hadden en ze niet bang waren voor hun vijanden. Het belangrijkste kenmerk in de architectuur van de paleizen was de binnenplaats met rondom speciale kamers voor officiële ceremonies en rituelen. De muren van de paleizen waren versierd met de beroemde Minoïsche fresco’s die soms levensgroot, scènes van het dagelijks leven of onderwerpen uit het planten-, dieren- of vissenrijk voorstelden.

De Sub-Minoïsche, Geometrische en Archaïsche Tijdperken (1100-900 v.Chr.): De Doriërs, die van het Griekse vasteland kwamen, veroverden Kreta na de ineenstorting van de Minoïsche beschaving. Alle steden waren verenigd onder leiderschap van Knossos. Er zijn sporen van sommige Dorische steden zoals Prinia, op zo’n 40 km vanaf Heraklion, Lato, 15 km vanaf Agios Nikolaos en Gortun, 45 km vanaf Heraklion en 17 km ten oosten van Festos.

Het Klassieke, Hellenistische en Romeinse Tijdperk (900-330 n.Chr.):Kreta speelde geen belangrijke rol tijdens de Klassieke Eeuwen. Het werd geleidelijk een piratennest, totdat de Romeinen tegen de zeerovers vochten en het eiland veroverden.

Byzantijnse Keizerrijk (330-1204/10 n.Chr.):Kreta was een autonome provincie in het Byzantijnse Rijk en Gortyna was haar administratieve en religieuze centrum. Tijdens deze periode nam de piraterij af en de handel bloeide, zodat het mogelijk werd om vele kerken te bouwen.

Het Christendom kwam vroeg met het bezoek van St. Paulus in 63 n.Chr. Zijn discipel Titus slaagde erin om het over het gehele eiland te verspreiden.

Dit tijdperk werd onderbroken door een kleine bezetting van het eiland door de Arabieren (826-960 n.Chr.). De Byzantijnse generaal Nikiphoros Phokas slaagde erin het eiland te heroveren in 960. Heraklion werd de nieuwe hoofdstad van het eiland en de zetel van de Aartsbisschop.

Venetiaanse overheersing (1204-1669 n.Chr.):Toen de Kruisvaarders Constantinopel in 1204 innamen, werd Kreta verkocht aan de Venetianen. De Genuezen probeerden Kreta onder hun toezicht te houden maar de Venetianen wonnen uiteindelijk. In dit tijdperk werden vele nieuwe gebouwen in Heraklion gebouwd: het Dogenpaleis, de Sint Markos Basiliek en de Loggia. Toen Constantinopel capituleerde voor de Turken in 1453, kwamen veel Griekse edelen naar Kreta. Het St. Catherina klooster werd een centrum voor cultuur, theologie, filosofie, muziek en literatuur.

De “Kretenzische School voor Kunst” werd in deze periode geboren, waar men de traditionele Byzantijnse stijl met de Italiaanse Renaissance combineerde. Er zijn voorbeelden te vinden op Mt. Athos, in Meteora en in vele musea. Michail Damaskinos, Klontzas, Ioannis Kornaros and Domenico Theotokopoulos, bekend als El Greco, behoorden tot de Kretenzische School.

Het epos van Vincenzo Cornaro Erotocritos, daterend uit de 17e eeuw, is het meest bekende voorbeeld van de bloeiende Kretenzische literatuur uit deze periode.

Turkse overheersing (1669-1898):De Turkse overheersing van het eiland was waarschijnlijk de wreedste periode van zijn bestaan. 60000 mannen veroverden Chania in 1645, Rethymnon in 1646 en het hele eiland behalve Candia (Heraklion) tegen het einde van 1648. Op 27 september 1669 viel de stad uiteindelijk in Turkse handen nadat de belegering 117000 Turkse en 30000 Kretenzische en Venetiaanse levens gekost had.

Door het bezet van de Turken werden de meeste kerken verbouwd tot moskeeën. Veel Kretenzers verlieten het eiland omdat ze barbaarsheid van de nieuwe meesters niet konden verdragen. De grote Kretenzer opstand die in 1866 uitbrak tot 1868, leidde tot de verwoesting van het Arkadiklooster en het verlies van vele levens. Het Kretenzer probleem werd echter overgenomen door de Grootmachten die Turkije dwongen om bepaalde concessies te doen.

Nieuwe gevechten braken uit in 1895-1896. In 1897 bereikten Griekse strijdkrachten en vrijwilligers het eiland en begonnen het eiland te bevrijden met de bedoeling het met de rest van Griekenland te verenigen.

Autonoom Kreta – het Moderne Tijdperk:De strijd stopte in 1898, toen in Heraklion de Turkse massamoord gebeurde. De Grootmachten – Engeland, Frankrijk en Rusland – erkenden de autonome “Staat Kreta” onder de autorisatie van prins George van Griekenland. De Krentenzer Opstand in Therissos in 1913 leidde tot de vereniging van Kreta met Griekenland en tot de verschijning van Eleftherios Venizelos die de volgende decennia een zeer belangrijke rol in de geschiedenis van Griekenland zou spelen.

In 1923 leidde de “Grote Tragedie” in Klein-Azië tot de uitzetting van de overgebleven moslims op Kreta en vele Christenen die uit Turkije werden gedreven en naar het eiland emigreerden.

1941-1945 n.Chr.:Kretenzers zijn ook beroemd om hun verzet tegen de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog. In mei 1941 werden duizenden Duitse parachutisten op het eiland gedropt en ondervonden hevige tegenstand door Griekse, Engelse, Australische en Nieuw Zeelandse troepen alsook van duizenden inwoners. Toen het vliegveld van Maleme in Chania veroverd werd, slaagden de Duitsers erin om geleidelijk controle over het eiland te krijgen. Het verzet duurde voort na de bezetting door de Duitsers met vele harde represailles.

1945 tot heden:Na de Tweede Wereldoorlog brak een hevige burgeroorlog uit in Griekenland die tot 1949 duurde. De nationale verkiezingen die volgden, leidden tot het uitsluiten van de communisten in toekomstige regeringen. Griekenland trad tot de NATO toe in 1951 en in 1953 werd het recht gegeven aan de VS om soevereine legerbasissen te opereren (zoals de basis in Souda). Vanaf 1967 tot 1974 pleegden legerkolonels een coup en kwam Griekenland onder krijgswet te staan. Na de terugkeer van de democratie in 1974 en het afschaffen van de monarchie, won Karamanlis met de rechtse Nieuwe Democratie (ND) de nationale verkiezingen. Op 1 januari 1981 wordt Griekenland het tiende lid van de EEG.

Andreas Papandreou met de linke Pan-Helleense Socialistische Unie (PASOK) won de verkiezingen in 1981 en bleef tot 1990 premier. Konstantinos Mitsotakis, die uit Chania kwam, won met slechts twee zetels met de ND de verkiezingen in 1990 en regeerde tot midden 1993. PASOK won de verkiezingen in 1993 en bleef tot 2004 in de regering. Kostas Simitis werd de volgende premier na de dood van Andreas Papandreou in 1996. ND, met Konstantinios Karamanlis jr. keerde in 2004 terug in de regering, het jaar dat gedomineerd werd door de organisatie van de zeer succesvolle Olympische Spelen in Athene.

Griekenland trad in januari 2002 tot de Europese Monetaire Unie toe en de euro werd de nationale munteenheid.